Publicatie: Waarom gebruiken fysiotherapeuten e-health (niet)?

FysioPraxis
FysioPraxis, april 2016

Afgelopen zomer heeft de website van Scientia Fundus een grondige facelift ondergaan, maar hebben wij getracht ook de inhoud ervan een ‘boost’ te geven. Dit heeft ondermeer geleid tot de gastcolumn van de hoogleraar, waar we hoogleraren fysiotherapiewetenschap (of daaraan verwant) een podium geven om bijvoorbeeld hun visie op ons vak, op de wetenschap of hun mening over actuele ontwikkeling te delen. Ook onze studentleden en alumni willen we een podium bieden om zich te laten zien. Bijvoorbeeld via berichtgeving over interessante lopende onderzoeksprojecten en publicaties van onze leden, waarvoor dit artikel de aftrap zal verzorgen.

In de zomer van 2015 voerde Scientia Fundus voorzitter Herman de Vries als keuzestage een kwalitatief onderzoek uit bij het NIVEL binnen het e-Exercise onderzoeksproject. e-Exercise is een blended e-health interventie voor patiënten met heup- en/of knieartrose, waarbij circa 5 behandelingen fysiotherapie gecombineerd worden met een online beweegprogramma. Waar het overkoepelende onderzoek de kosteneffectiviteit van deze interventie vergelijkt met die van reguliere fysiotherapie onderzocht Herman waarom de fysiotherapeuten uit de interventiegroep het programma uiteindelijk wel of juist niet zijn gaan gebruiken. De nieuwe inzichten kunnen vervolgens gebruikt worden bij de implementatie van het programma of soortgelijke e-health interventies.

Na analyse van semigestructureerde interviews met negen eerstelijns fysiotherapeuten uit de interventiegroep van e-Exercise werden zeven hoofdthema’s beschreven met aspecten die invloed lijken te hebben op de mate waarin fysiotherapeuten een e-health interventie gebruiken.

Voldoende aanbod en bereidheid van potentieel geschikte patiënten is logischerwijs essentieel om de interventie te kunnen gebruiken. Daarnaast zijn de mate waarin de fysiotherapeut de blended interventie als meerwaarde ervaart, de benodigde tijd om de interventie uit te voeren en de huidige werkdruk van belang. Een andere aspect dat invloed heeft is de mate waarin de fysiotherapeut ervaart professionele autonomie te behouden, ofwel een interventie uit te voeren die aansluit bij zijn of haar eigen visie of aan te passen is naar eigen wensen. Ook meer externe factoren zoals de mate van ondersteuning en stimulans vanuit de werkomgeving en de financiële consequenties hebben invloed op de mate waarin een fysiotherapeut de blended interventie zal toepassen.

De bevindingen laten zien dat succesvolle implementatie vraagt om een eHealth interventie die weinig tijd kost of zelfs tijdswinst oplevert, meerwaarde heeft door bijvoorbeeld een verbeterd behandeleffect of gebruiksgemak, ondersteund wordt door de gehele organisatie en gebaseerd is op een gezond business model.

Naast het onderwijsproduct dat beoordeeld werd met een 8.5 schreef Herman in samenwerking met promovendus Corelien Kloek, Dr. Daniël Bossen en Prof. Dr. Cindy Veenhof een artikel dat deze maand gepubliceerd werd in FysioPraxis. Het volledige artikel is terug te lezen op pagina 35-37 in het wetenschapskatern van het aprilnummer van FysioPraxis, dat via deze link ook online te lezen is.

Als je ook bezig bent met een interessant onderzoeksproject of is een artikel van je gepubliceerd is waarover je iets zou willen vertellen, neem dan contact op met onze webmaster Robbert Wouters.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *